![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
|||||||
![]() |
||||
Sinds mijn prille jeugd was ik reeds geboeid door tekenen en schilderen. Ik volgde in het Sint Lucasinstituut te Gent de secundaire kunstrichting en daarna de hogere opleiding in het atelier van de monumentale kunst. Ik was gedurende 30 jaar docente in het atelier textielkunst en textielontwerpen , in de Sint Lucas Hogeschool te Gent. Schilderen is altijd mijn passie gebleven. Na enkele jaren aquarelschilderen richtte ik me terug op het rijke medium van het olieverfschilderen. In 1997 begon ik een 8-jarige schilderopleiding in de Academie voor Schone Kunsten te St. Niklaas in het atelier van Jacques Neve. Het schilderen van eenvoudige stillevens was een bron om al kijkend en zoekend naar bepaalde structuren los te komen van het onderwerp. Al doende leerde ik omgaan met de verf en ontdekte ik ‘het plezier van schilderen’. Deze stillevens evolueerden naar constructies die ik opbouwde met allerhande voorwerpen en materialen; beelden, stenen en draperingen van stof. Het plezier van schilderen uitte zich hier op een directe schilderwijze waarbij de actie primeerde. De complexe structuren werden weergegeven met brede penseelstreken, en dikke verftoetsen accentueerden de texturen. Deze complexe structuren en texturen ontdekte ik ook in de enorme schroothopen in de haven van Gent. Vanuit deze inspiritatiebron maakte ik een reeks schilderijen die qua beeld, opbouw en kleurcontrasten als het ware evolueerden naar abstracte werken. Na deze periode was er een impasse. Alles wees erop dat ik toe was aan een herbronning. In de zomer van 2005 reisde ik naar Engeland voor een wandelvakantie in het natuurpark Dartmoor. Tijdens deze wandelingen werd ik getroffen door de weidsheid van de landschappen in the ‘moors’, de kleurenpracht en het spel van licht en schaduw op de met paarse heide begroeide heuvels, de immense wolkenpartijen, de uitgestrekte velden met grassen in gelen en okers waarin hier en daar steencirkels opdoken. Ik was als het ware opgenomen in het landschap en beleefde dit met al mijn zintuigen. In een Bed & Breakfast in Dartmoor trof ik ook het boek ‘The Art of William Nicholson (1872-1949)’ aan, waarin ik deze Engelse landschappen op een grandioze manier geschilderd zag. Gegrepen door deze belevenissen was het alsof er zich voor mij een nieuwe weg openbaarde, met als onuitputtelijke inspiratiebron ‘het landschap’. In Noord-Wales vond ik heel andere landschappen. De ruwe natuur en structuren van deze mysterieuze berglandschappen waren een nieuwe inspiratiebron. Wat mij trof waren de silhouetten van de donkere bergen omhuld door wolken en mist en het plotse licht dat soms doorbrak, de wilde watervallen en de zwarte, diepe meren Toen ik bij mij mijn laatste reis in Jordanie een tocht maakte door het woestijngebied van de’ Wadi-rum’ was dit een grote verrassing. Ik zag een totaal vreemd landschap met uitgestrekte zandvlakten in roden en okerkleuren en in de verte bizarre rotsconstructies in nuances van bruine en paarse kleuren, schril afstekend tegenover een blauwe luchtkoepel met witte wegdrijvende wolken. Het was alsof ik me in een majestueus operadecor bevond gehuld in een complete stilte. Dit sterk gevoel van vervreemding heb ik willen weergeven in mijn laatste reeks werken. Door deze ervaringen in die verscheidene landschappen ben ik op een andere manier gaan kijken. Door het landschap in te gaan en deze zintuigelijk te beleven, was er geen afstand meer, maar maakte ik er deel van uit en was erin opgenomen. Ik ervaarde dit als een mystieke beleving en vanuit deze verbondenheid heb ik deze schilderijen gemaakt. Dit anders kijken bracht ook een verandering teweeg in mijn schilderwijze en in het omgaan met compositie. De wolkenpartijen zijn niet louter een deel van de compositie, maar zijn een momentopname die ik wou vastleggen, als een deel van een grotere structuur. Door die wolken transparant te schilderen veranderde mijn manier van schilderen in het algemeen. Ik begon meer en meer gebruik te maken van subtielere kleurschakeringen aangebracht met dunne en transparante verflagen. Door anders te kijken staat men ook anders in de wereld, ziet men meer en meer de diepere lagen. Schilderen is een avontuur waarbij men altijd op weg is, een nooit eindigend spel, op zoek naar evenwicht, tussen intellect en gevoel. Men kan deze weg voorstellen als een spiraal, waarbij men altijd op hetzelfde punt komt, maar door de ervaring en de herbronning telkens op een dieper niveau. Augustus 2008 Anita De Vis |
|